Vragenlijstonderzoek Field Lab suggereert preventiepotentieel huisarts

Vragenlijstonderzoek Field Lab suggereert preventiepotentieel huisarts

Tijdens filmfestival InScience peilde het Field Lab Eerstelijnszorg onder bezoekers de ervaringen met en meningen over preventieve gezondheidschecks. De eerste resultaten duiden erop dat de huisarts een belangrijke rol kan spelen in het faciliteren van primaire preventie.

 

 

Voorkomen is beter dan genezen, iedereen weet het. En hoewel onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) laat zien dat Nederlanders gemiddeld genomen gezonder zijn gaan leven de afgelopen tien jaar, schieten de afspraken uit het Preventieakkoord van staatssecretaris Blokhuis volgens het RIVM tekort. Welke rol kan de huisarts hierin spelen? In het project Populatiemanagement in Nijmegen-Noord onderzoeken de partners van het Field Lab Eerstelijnszorg in hoeverre bewoners van Nijmegen-Noord te bewegen zijn om preventieve gezondheidschecks te (laten) doen. Dergelijke checks kunnen gedefinieerd worden als tests die burgers en patiënten op eigen initiatief doen of laten doen om inzicht te krijgen in de eigen gezondheidstoestand of om vroegtijdig gezondheidsrisico’s op te sporen om daarmee hun leefstijl aan te passen. Voorbeelden zijn medische zelftests (bijv. bloedsuikertests) of preventief medisch onderzoek (bijv. van (commerciële) aanbieders) of het Preventieconsult dat het Nederlandse Huisartsengenootschap (NHG) ontwikkelde.

 

Om een beeld te krijgen van de ervaringen van Nijmegenaren met deze gezondheidschecks en om hun meningen daarover te peilen, zette het Field Lab tijdens InScience International Science Film Festival 9, 10 en 11 november j.l. breed een vragenlijst uit onder bezoekers van zestien jaar en ouder. Plaats van handeling: Openbare Bibliotheek Nijmegen. Hen werd gevraagd of ze ervaringen hebben met gezondheidschecks, wat hun motivatie is (of zou zijn) om zo’n test te doen (of waarom juist niet), in welke gezondheidsinformatie ze geïnteresseerd zijn en wat ze met de resultaten van zo’n check hebben gedaan (of denken te doen). In de vragenlijst waren ook vragen over de leefstijl opgenomen (roken, alcohol- en drugsconsumptie, stress en bewegen) om te onderzoeken hoe leefstijl zich verhoudt tot de behoefte aan primaire preventie. Ook vroegen de onderzoekers van het Field Lab in hoeverre mensen bereid zijn deze informatie – anoniem – te delen met de huisarts, ook ten behoeve van een populatieprofiel: een overzicht van de gezondheid van de wijk.

 

Hoewel de resultaten voorlopig zijn en de ondervraagde groep (n=159) nog relatief klein en voornamelijk hoger opgeleid (bijna de helft wetenschappelijk onderwijs, bijna een kwart hoger beroepsonderwijs), valt een aantal observaties op. Zo heeft ruim een kwart (27%) wel eens een preventieve gezondheidscheck gedaan. Hoewel één op de vijf dat niet heeft gedaan en dat ook niet van plan is, geeft niettemin een meerderheid (52%) aan in de toekomst een check te overwegen.

 

Mensen die bewust geen check deden (of het in de toekomst ook niet gaan doen), geven vooral aan dat ze willen wachten tot zich symptomen van gezondheidsproblemen voordoen (39%). Maar ze willen ook niet onnodig ongerust gemaakt worden (36%). Bovendien vertrouwen ze de (commerciële) aanbieders ervan niet altijd (39%).

 

De motivatie voor zo’n check in de groep mensen die in het verleden zo’n check deden is vooral nieuwsgierigheid (45%) en behoefte om gezondheidsrisico’s te kennen (38%). Mensen die een check overwegen kruisen deze redenen aan, naast “Ik wil optimaal gezond zijn” (48%). Een ruime meerderheid (68%) geeft aan periodiek hun gezondheid te willen (laten) monitoren, merendeels jaarlijks. De informatie die mensen het meest willen is bloeddruk (63%), breed bloedonderzoek (52%), voeding en nutriënten (40 resp. 45%). Ook de kwaliteit van slaap scoort hoog: 41%.

 

Liefst 83% gaf aan de informatie uit gezondheidschecks met de huisarts te willen delen. Overigens ziet men de huisarts vooral als informatieverstrekker, minder als coach; blijkbaar gaan mensen het liefst zelf aan de slag. Sommigen denken zeker of waarschijnlijk een fysiotherapeut (20%), diëtist (20%) of leefstijlcoach (12%) nodig te hebben. Ook blijkt een meerderheid de gezondheidsinformatie geanonimiseerd beschikbaar te willen stellen aan de huisarts: één op de vijf is het eens, 44% helemaal eens met de stelling: “Ik zou mijn de persoonlijke gegevens van mijn gezondheidscheck geanonimiseerd beschikbaar stellen aan mijn huisarts om een beter inzicht te krijgen in de gezondheid van mijn wijk.”

 

 

Onderzoeker Dortmans is gematigd optimistisch over de resultaten. “Ik vond het belangrijk in een bredere populatie een paar aannames te toetsen die onder het voorlopige ontwerp van het ict-platform liggen. De uitkomsten tonen dat de huisarts een schakel kan vormen voor preventie door middel van eHealth. Tegelijkertijd ben ik me bewust dat omvang en selectie van proefpersonen voorzichtigheid vragen. Mensen met een lagere zogenaamde sociaal-economisch status – afgeleid aan opleidingsniveau, inkomen etc. – hebben gemiddeld genomen een minder gezonde leefstijl. Ik ben benieuwd hoe leefstijl gecorreleerd is aan behoefte aan preventieve gezondheidschecks.” Om het ontwerp verder gestalte te geven starten de onderzoekers binnenkort met focusgroepen met bewoners van Nijmegen-Noord.